Chào các bạn! Vì nhiều lý do từ nay Truyen2U chính thức đổi tên là Truyen247.Pro. Mong các bạn tiếp tục ủng hộ truy cập tên miền mới này nhé! Mãi yêu... ♥

2

Levi Smit

''Als de wind van verandering waait, bouwen sommige mensen muren en anderen windmolens.''

Eenmaal in het wiskundelokaal aangekomen, zitten Sander en ik achterin naast elkaar zoals we dat altijd deden. Althans dat is wat ik dacht.

Sander gaat zitten op onze vaste plek, maar hij zit daar niet alleen. Op de één of ander manier heeft hij zijn eeuwenoude crush Charlotte naast zich gekregen.

Hoe? Mag mij een worst weten. Ik wil gewoon mijn plek terug.

''San?'' Roep ik verontwaardigd, maar zodra ik merk hoe verliefd hij naar haar staart en met haar begint te kletsen, laat ik het los.

Om eerlijk te zijn heb ik Charlotte nooit leuk gevonden. Iedere keer als Sander een move maakte leek het haar nooit wat te schelen. Ze wuift het iedere keer een beetje weg en doet alsof ze van niets af weet terwijl het overduidelijk is voor de hele school dat hij haar wel ziet zitten. Sterker nog, ik vermoed dat ze alleen maar grappen met haar vriendinnen hierover maakt. Naar mijn mening is ze ook nog weleens bot naar Sander toe. Natuurlijk ben ik blij voor Sander dat hij iemand ziet zitten en dat gun ik hem het liefst, maar hij verdient iemand die veel beter voor hem is.

En het moment wanneer je weet dat iemand beter verdiend, wil je ook gewoon graag dat die persoon iets waardevollers grijpt dan wat ze al hebben.

Met een diepe zucht draai ik me om en tot mijn verbazing heeft iedereen al gauw een plekje bemachtigd. De enige plek die over is, is helemaal vooraan naast een onbekende jongen. Ik schud mijn hoofd en schuif al mijn principes opzij voordat ik naast hem ga zitten.

En bedankt Sander, karma will bite you in the ass.

Het is toch niet alsof ik een ander keus heb, maar soms zou ik mijn beste vriend zich echt voor zijn grote domme kop willen slaan. Herken je dat gevoel?

''Dit is de opstelling die jullie voor de rest van het jaar aanhouden. Eén keer op de verkeerde plek zitten en je vliegt eruit, allemaal begrepen?'' Hoor ik ineens meneer Hoepelman chagrijnig zeggen, wat mij gelijk uit mijn diepe gedachten trekt.

Wacht, wat zegt hij nou?!

Niet je mond open trekken Levi.. Dit heeft je wel vaker in de problemen gebracht. Niet doen.

''Serieus? Hoezo dat nou weer?'' Rolt er uit mijn mond verbaasd voordat ik mezelf kan stoppen.

''Meneer Smit, trekt u zo graag een grote mond of hebt u liever een warmhartig telefoontje aan je ouders?'' Zegt meneer Hoepelman dreigend en duidelijk niet in de stemming op deze heerlijke maandagochtend.

Oké, ik had dus gewoon stil moeten blijven.

Ik leg mijn hoofd verveeld in mijn handen en staar naar het bord, maar al gauw raak ik mijn gehele concentratie kwijt als hij op een slome toon begint te praten over de stelling van Pythagoras. Mijn blik valt op de jongen die naast mij zit.

De jongen pakt vrijwel meteen mijn aandacht met zijn fel uitgesproken groene ogen die zich verbergen achter de glazen van zijn zwarte bril. Gefocust luistert hij naar wat meneer Hoepelman te zeggen heeft waardoor hij zijn kleine neus op een schattige manier ophaalt. Hij heeft lichtbruine haren die rommelig naar boven toe uitsteken en de kleine kuiltjes in zijn wangen zijn niet te missen. Het zonlicht vanuit de ramen valt perfect op zijn gezicht waardoor ik een beter zicht op zijn looks heb en tot mijn verbazing straalt zijn lichte huid met een zachte glans.

Voor een aantal seconden ben ik alles om mij heen vergeten. Sommige mensen hebben die vibe om hun heen dat als je dicht bij ze bent, dat je je gelijk comfortabel en geaccepteerd voelde als je bij hun in de buurt zat: het gaf me een goed gevoel om naar hem te kijken. Hij had iets.

Alleen kon ik mijn vinger niet leggen op wat dat was.

''Wie ben jij?'' Is het eerste wat mijn mond verlaat zonder dat het me opvalt.

''Huh?'' Vraagt hij verward als hij zijn hoofd naar mij toe draait en een wenkbrauw omhoog trekt.

Oh my god Levi, wanneer houd je toch eens je mond toch dicht?!

''S-sorry! Dat.. was stom.. Ik bedoel, wat is je naam?'' Vraag ik terwijl ik naar zijn stralende gezicht blijf staren.

Waarom is hij me nooit eerder opgevallen?

''Uhm.. Samuel..'' Stelt hij zich zachtjes voor met een verwarde frons op zijn gezicht.

Samuel..

''Ik ben-''

''Levi..'' Maakt hij mijn zin af met een kleine glimlach die om zijn lippen tevoorschijn komt en zijn groene ogen hebben kleine sprankeltjes gekregen.

Hij weet mijn naam?

''Wat? Hoe..'' Fluister ik, verrast dat hij daadwerkelijk mijn naam al kende.

''Iedereen kent je.. Ik bedoel.. Je bent de meest bekende jongen op school en bijna iedereen praat wel eens over je..'' Verklaart hij dan.

Oh..

''Oh.. Juist ja.. Stom..'' Mompel ik zacht en draai me terug om naar het bord toe, maar een ding die hij daarna zegt vang ik nog op.

''Alleen.. Ken ik je van je rugbywedstrijden.. Ik ben weleens wezen kijken.. Ik heb er niet zoveel verstand van, maar wel genoeg om te kunnen zeggen dat je best goed speelt'' Aan zijn zachte stem te horen was hij aan het glimlachen en ik voel zijn ogen op me branden.

De glimlach die ik daarna voel opkomen probeer ik gauw te verstoppen. Het geeft me een goed gevoel dat er iemand is die me kent om wie ik ben en wat ik doe en niet om hoe ik er uit zie of door mijn sociale status. Soms is het net alsof er niet wordt gewaardeerd waar ik wel goed in ben. Het moet altijd perse gaan om bekend en knap zijn.

Hoepelman is nog steeds bezig met het hoepelen rondom de theorie hoeken bereken.

Ha, snap je hem? Hoepelman, hoepelt.. Nee? Oké ik houd wel op..

''Ah Levi! Sinds je met zo een verveelde blik kijkt, lijkt het net alsof je alles al weet. Vertel jij maar eens hoe je hoek X berekent!'' Zegt hij, wat me verbaasd op laat kijken.

Dit is dus precies waarom ik wiskunde haat. Hij heeft het altijd op mij gemunt, omdat hij weet dat ik niet slim genoeg ben om een wiskundesom op te lossen.

''Uhm..'' Mompel ik en kijk met gespleten ogen naar de som, mijn hersenen staan ineens op stil en nerveus begin ik met mijn vingers te friemelen.

''Tan is negenenzestig gedeeld door zeven maakt negen komma zesentachtig'' Fluistert Samuel zachtjes naast me.

Ik twijfel er geen seconde over om hetzelfde op te noemen. ''Tan is negenenzestig gedeeld door zeven maakt negen komma zesentachtig'' Zeg ik een beetje onzeker, hopend dat het klopt.

''Ha fou- goed? Dat was.. Goed.. Netjes gedaan Levi..'' Mompelt hij verbaast en gaat verder met zijn les waardoor ik opgelucht adem haal.

''Thank god Samuel.. Lifesaver..'' Bedank ik hem en mis nog net zijn sprankelende ogen. ''Hoe wist je dat? Ik had dat echt nog nooit geraden..'' Vraag ik dan nieuwsgierig.

''Oh gewoon.. Beetje beginnersgeluk denk ik..'' Lacht hij zacht en volgt ook weer de les.

Na nog een stuk of drie oefenopdrachten geeft meneer Hoepelman het huiswerk toe en mogen we gaan. Langzaam sta ik op en bekijk ik zijn felle blije ogen. Het heeft zo danig een effect op me dat ik er bijna zelf blij van wordt, iets dat ik nog nooit heb meegemaakt.

''Hee.. Tot woensdag dan maar he..'' Zeg ik hem gedag en zwaai ik.

''Tot woensdag! En Levi?'' Roept hij enthousiast.

''Ja?'' Draai ik me vragend om.

''Ik merkte dat je het niet zo goed begreep.. Als ik je kan helpen hoor ik het graag? Het is echt super makkelijk, zelfs een kikker kan dit nog na doen!'' Lacht hij zacht, wat eigenlijk naar mijn eigen oren best spottend klonk.

''Oh, dus omdat ik het niet goed begrijp ben ik nu dommer dan een kikker?'' Vraag ik en voel een lichte frustratie in mijn buik. De zenuwen in mijn lichaam knijpen samen als ik vermoed dat hij me net zo dom vindt als dat Hoepelman mij vindt.

''Nee nee! Zo b-''

''Ach weet je.. Laat maar. Ik zie je woensdag wel'' Zucht ik en loop richting mijn kluis.

En ik nog denken dat hij best cool was.

Meneer Hoepelman spot al genoeg met dat ik niets weet over wiskunde. Nou hoef ik het niet nog eens een keer te horen van een gozer die ik amper ken. Het is niet dat ik niet hard mijn best doe. Ik probeer het, maar iedere keer als ik überhaupt een boek open lukt het gewoon niet. Mijn hoofd wordt leeg, ik raak verdwaald in de woorden die ik lees maar vervolgens niet begrijp en ik klap dan volledig dicht.

Mensen begrijpen gewoon niet hoe het voelt als je iets hard probeert zonder enig succes. Het maakt ons niet dommer dan dat we zijn.

''Hee Lef!'' Hoor ik Sander roepen die naast me is komen lopen.

''Wat moet je?'' Snauw ik.

''Zo hé, is mevrouwtje Lady Gaga met de verkeerde been uit bed gestapt? Moet haast wel zo zijn sinds het zo'n ijskoude ochtend was'' Grinnikt hij amuserend.

''Sander!'' Roep ik grommend en duw hard tegen zijn schouder aan waardoor hij een paar stappen lachend naar achteren doet.

''Oké! Sorry, sorry. Zullen we aardrijkskunde skippen en bij jou thuis chillen? Heeft je dikke reet wel verdiend'' Wenkt hij.

Skippen klinkt nu best wel verleidelijk na zo'n verrekte eerste schooldag.

''Slijmbal. Fine, laten we naar huis gaan. Kan jij mij mooi vertellen waarvoor je mij nu weer hebt laten zakken voor die Charlotte'' Lach ik en gooi mijn boeken gauw in mijn kluis.

Met een grijns loop ik met Sander naar zijn auto met een dezelfde gedachte dat door mijn hoofd blijft spoken: Vindt Samuel mij ook dom?

Bạn đang đọc truyện trên: Truyen247.Pro