12
Wanneer je je plots omdraait.
En meteen naar je koptelefoon graait.
Ik zet het op een lopen.
Dat je me niet achterna komt, is te hopen.
Voetstappen weerklinken door het verdorde gras.
Wanneer ik me omdraai.
Is het beeld niet fraai.
Het meisje met de blonde haren.
Staat naar je te staren.
Bạn đang đọc truyện trên: Truyen247.Pro