1.Terug naar school.
Oké, vandaag ga ik weer naar school.
Ik ga de vakantie echt heel erg missen, maar ik heb één doel. Die ik zal gaan halen. Dat is een verplichting in mijn leven. Als ik het niet zal halen zal ik de rest van mijn leven niet meer snoep mogen eten. Nu denk je waarschijnlijk: Wie bedenkt dat nou? Dan doe je toch iets minder triest? Maar ik ben heel erg zeker van mijn zaak en dan nu de vraag: Ken je de missie wel goed genoeg? Ja mensen, ik heb het vorig jaar alleen maar geobserveerd en bestudeerd het was echt heel leuk. Vooral het idee dat hij het niet door had. Het idee dat niemand het door had. Behalve ik, en een poppetje in mijn hoofd die mij waarschijnlijk goed dwars gaat zitten. Ik ben bang dat zij echt het moeilijkste onderdeel is, maar zij heeft ook haar goede kanten. Ik bedoel; zonder haar wist ik niet dat er S'avonds eenhoorns rond lopen, dat er elfen bij de maan zijn en dat skittles bestaan. Die echt heel erg lekker zijn. Oké, ik dwaal af.
Dit jaar zit ik opgescheept met een paar spatische apen waarvan ik veel hou. Over de mensen die ik spatische apen noem, ze komen er op dit moment aan. Snel stop ik mijn schrift weg en zwaai uitbundig zodat ze me zien. Gehaast lopen ze naar me toe en knuffelen ze mij helemaal plat. Terwijl we elkaar gisteren zagen.
Nu de bel gaat wist ik dat het moest gebeuren. Mijn missie is begonnen. Alles doe ik ervoor. Oké bijna alles. Ik wil alles van hem weten; zijn gedrag, zijn manier van denken en dat is absurd. Ik wist veel over hem, en ik wist op zich meer dan een gemiddelde mens op deze school, maar toch. Er ontbreekt een stukje, wat.. dat weet ik niet, maar daarvoor is ook mijn geweldige missie.
Alles gaat tot nu toe goed, ik val niet, zeg geen rare dingen tegen mensen en maak geen vreemde geluiden. Wat nog wel eens gebeurd. Ik aan kwam bij het Engels lokaal en ga ik zitten op mijn een plek. Tegen de muur, aan de linkerkant. In de derde rij.
Die plek is echt fantastisch om te praten, en je hebt overzicht in de klas. Plus je staat niet in het middelpunt, maar ik heb één ding over het hoofd gezien.. Vince zit hier altijd, dus dit is echt fantastisch.
'Mens, donder op van mijn plek, wil je?' ik schrik wakker van mijn gedachten. Ik keek hem recht aan in zijn hazelnoten ogen. 'Ten eerste meneer Badboy: zie je hier je naam staan? Nee, precies. Ten tweede-' ik word ruw onderbroken door Vince. 'Zie je dat het me boeit, nee? En donder nu op want dat is mijn plek.' Ik zucht 'Nee, ik zit hier.' Ik kijk hem zelfverzekerd aan, maar van binnen kon ik mezelf wel slaan. Wie gaat er nou tegen Vince in. ''jij'' zegt een stemmetje in mijn hoofd. 'Het is niet de bedoeling dat je dat zegt. Je moet me steunen hierin en zeggen dat meer mensen het doen en dat dit een eenmalige fout is.' 'Wat praat jij gek?' ik zie Vince verbaast kijken. 'Uh, niks?' Ik probeer te glimlachen wat fataal mislukt. Ik heb het nu al verpest. 'Eh, ja logisch denk ik?' Hij kijkt mij nu echt heel erg verbaast aan en krabt aan zijn achterhoofd. 'Gestoord.' Hoor ik hem zachtjes zeggen.
Ja goh, daar komt hij nu pas achter. 'Goh, maar ga gewoon naast me zitten klaar.' Ik kijk hem arrogant aan. Wat natuurlijk mislukt. 'Joun gezicht is te lelijk voor die uitdrukking.' Hoor ik hem zeggen. Kijk ik weet zelf heust wel dat het er niet uit ziet, maar dat hoeft hij er niet in te wrijven. Wat denkt hij wel? Niemand heeft daar het recht op, ik mag dan wel voor veel mensen een speciaal geval zijn, maar niemand beledigd mij zonder dat ik het wil. Ik begin sluw te grijnzen. 'Wat lach jij nou weer dom dan?' Hij rolt met zijn ogen. 'Niemand beledigd mij zomaar.' Ik kijk hem nogmaals sluw aan. Ik kan wel een vos worden!, maar dan wel met glitters. Alles is mooier met glitters.
'Oké, welkom mensen. Bij het vierde jaar van deze school. Ik weet het: het word lekker pittig!, maar dat kunnen jullie en iedereen gaat zichzelf ook voorstellen. Even je hersenen op frissen, want jullie hebben een lange vakantie gehad.' Heel random begon die man te praten die onze leraar geschiedenis voorstelt. Wat niet eens klopt, want ik ken iedereen, de vakantie is te kort en het is niet ''pittig", dus ik weet niet wat die man zegt. 'Oké, begin jij maar.' Hij gaat het rijtje af, en komt uit eindelijk bij mij aan.
Alle glitters. 'Oké, vertel maar.' Hij wijst naar mij en knikt. 'Eh, ik ben Lyanna. Ik ben zestien jaar oud en wijzen is onbeleefd. Daarbij kent iedereen mij, en zijn glitters mooi. Net zoals glitterpanda's en eenhoorns. Mijn passie is dan ook eenhoorns spotten en met hun gaan praten. Als andere hobby heb ik dansen. Ik doe het nu al vijf jaar modern jazz en ik voel me dan net een vliegende eenhoorn, dus dat is ook wel mooi. Dat is het wel.' Ik glimlach naar hem. Hij krabt op zijn achterhoofd. 'Lyanna, welkom.' Ik hoor aan zijn stem dat hij niet bepaald enthousiast is en dat hij mij direct herkent. Ach, ik heb mijn haar laten uitgroeien, dus het is weer blond. Het was eerst roze. Elfenlief dat was mooi. 'Oké jongen, nu mag jij.' Hij wijst niet meer. Ik lacht in mezelf. 'Uh, ik ben Vince en ik heb een hekel aan fantasie of aan glitters. Van de rest boeit mij niks of niemand iets.' Zo die is positief ingestelt. Dit word zo'n vreselijk leuk jaar! Dat durf ik wel te wedden, en ik ga er alles aan doen. 'Nou oké, dankjewel Vince.'
De leraar gaat weer verder met de andere kinderen, of wezens. Ik weet het niet. Ik pak mijn schrift erbij:
[missie]
Achter Vince zijn geheim komen.
Glitters,
-Lyanna.
Bạn đang đọc truyện trên: Truyen247.Pro